Talentscout – Kaj de Rooij

Paspoort

Kaj de Rooij

Club FC Eindhoven
Positie Middenvelder
Geboortedatum 25 november 2000
Aantal wedstrijden 20
Aantal doelpunten
5
Aantal assists
8
Sterke punten Techniek, snelheid, inzicht

De Keuken Kampioen Divisie geldt al decennialang als kraamkamer voor binnen- en buitenlandse talenten en ook dit seizoen lopen er op het tweede niveau weer veel voetballers met potentie rond. Voetbalzone, de officiële mediapartner van de Keuken Kampioen Divisie, licht om de twee weken een van deze talenten uit, met deze keer aandacht voor Kaj de Rooij, die dit seizoen bij FC Eindhoven zijn definitieve doorbraak in het betaald voetbal lijkt te beleven.

Kaj de Rooij tilt de pijp van zijn trainingsbroek omhoog en trekt zijn sok een stukje omlaag. Zijn vinger gaat langs een aantal licht bebloede schrammen op zijn onderbeen. “Ja, dat dacht ik al. Dat zijn een paar noppen, het ging er hard aan toe vandaag in de partijtjes.” Als vervolgens gevraagd wordt of hij relatief vaak het slachtoffer is op de training als balvaste en creatieve speler, haalt hij zijn schouders op. “Nee, dat gevoel heb ik niet. Maar ik ben het er niet mee eens dat je meer schoppen kan verwachten als je langer aan de bal blijft.” Er volgt een glimlach. Het liefst heeft De Rooij namelijk negentig minuten lang de bal aan zijn voet. Het is misschien wel daardoor dat hij met enigszins gemengde gevoelens terugkijkt op het bekerduel met FC Utrecht, waarin FC Eindhoven zich pas na verlenging gewonnen gaf en De Rooij een uitstekende indruk maakte. “Ik kreeg te horen dat ik goed gespeeld had, maar voor mijn gevoel was het niet perfect. We werden helemaal teruggedrongen, dus dat is lastig als buitenspeler. Als je de bal krijgt, sta je nog op zeventig meter van het doel. Maar goed, het was de eerste keer dat ik tegen een grote Eredivisie-club mocht spelen en dat was mooi.”

Kaj de Rooij tegenover Gyrano Kerk (FC Utrecht)

De negentienjarige aanvallende middenvelder annex buitenspeler beleeft dit seizoen zijn definitieve doorbraak bij FC Eindhoven, de club waar hij in 2009 al op achtjarige leeftijd terechtkwam. Aanvankelijk zou De Rooij destijds al naar Willem II gaan, maar doordat de Tilburgers hun jeugdopleiding samenvoegden met RKC Waalwijk verruilde de Brabander Wilhelmina Boys voor de jeugdopleiding aan de Aalsterweg. Na een jaar bij FC Eindhoven maakte De Rooij alsnog de overstap naar Willem II, waar hij uiteindelijk zes jaar zou spelen. In 2016 kreeg hij te horen dat hij moest vertrekken bij de Tilburgers. “Het is een beetje raar gelopen bij Willem II, maar uiteindelijk moest ik weg. Dat was balen, al voelde ik meer frustratie. Ik had het gevoel dat het niet helemaal eerlijk is gegaan. Ze dachten dat ik sowieso niet het betaald voetbal zou halen en daardoor moest ik weg, wat ook wel een opluchting was omdat ik niet meer met plezier naar Tilburg ging.”

Voordat de vraag is uitgesproken of het vertrek bij Willem II De Rooij heeft gemotiveerd, volgt al een gedecideerd antwoord. “Absoluut, zonder twijfel. Ik krijg nu berichtjes van Willem II-trainers uit die tijd, dus ze weten het wel. FC Eindhoven was een van de opties en ik ging hierheen met de bedoeling om het plezier in het voetbal weer terug te vinden, een nieuwe start. Als ik nu zie waar al mijn ploeggenoten uit de generatie bij Willem II zijn, heeft bijna niemand het betaald voetbal gehaald. Alleen Zakaria Aboukhlal van AZ, maar verder is bijna iedereen teruggegaan naar de amateurs. Achteraf ben ik blij dat het voor mij zo is gelopen, anders had ik nu misschien niet hier gestaan”, knikt De Rooij. Hij moest in eerste instantie even zijn plek vinden na zijn terugkeer in Eindhoven, daar de club op dat moment pas net weer begonnen was met zijn jeugdopleiding. Al in zijn tweede seizoen maakte De Rooij zijn debuut in Jong FC Eindhoven, trainde hij met de eerste selectie mee en zat hij drie keer op de bank in de Eerste Divisie.

Vorig seizoen maakte De Rooij direct in de eerste competitiewedstrijd tegen Jong PSV (2-1 nederlaag) zijn officiële debuut voor FC Eindhoven. Het eerste optreden op toen nog zeventienjarige leeftijd smaakte naar meer voor de talentvolle middenvelder, maar trainer David Nascimento liet hem in het vervolg van de jaargang nog maar sporadisch binnen de lijnen komen als invaller. “Maar in die invalbeurten kreeg ik doorgaans maar een paar minuten, dan werd ik erin gezet om het inzetten. Daar kon ik eigenlijk niks mee. Een wedstrijd achter je naam, dat is alles. Het maakte me ook ongeduldig. Ik trainde goed, medespelers zeiden dat ik erin hoorde te staan. Ik had zelf ook het gevoel dat ik er dicht tegenaan zat. Maar de trainer zag het gewoon niet in me zitten. Tja, dan wordt het moeilijk. Dan kan je niks anders doen dan geduld hebben. Ik kwam hier iedere ochtend en zat dan vrijdag uiteindelijk weer op de bank. Dat is wel een beetje frustrerend”, verzucht De Rooij. Pas in de voorlaatste wedstrijd van het seizoen maakte hij zijn basisdebuut bij FC Eindhoven, in de wedstrijd tegen Jong AZ (0-1 nederlaag). Ook in de seizoensafsluiter tegen RKC Waalwijk (3-1 nederlaag) stond De Rooij aan de aftrap.

De Rooij in duel met RKC Waalwijk-middenvelder Anass Tahiri

Dat Nascimento afgelopen zomer moest plaatsmaken voor Ernie Brandts, veranderde het perspectief voor De Rooij definitief. Er verschijnt een voorzichtige glimlach op het gelaat van De Rooij als de 63-jarige oud-international ter sprake komt. “Ernie was vorig seizoen al mijn trainer bij de beloften en hij zei altijd dat hij het in me zag zitten, dat ik zo moest doorgaan en dat het dan vanzelf zou komen. Ik begon aan de voorbereiding op het nieuwe seizoen met een gevoel van: het kan weer zo’n jaar worden. Ik had nog geen contract ook, dus het was zaak om me zoveel mogelijk te laten zien. Vanaf het moment dat Ernie hoofdtrainer werd, is alles een beetje veranderd. Ik ben er sindsdien niet meer uitgegaan. Dat gevoel had ik van tevoren ook wel, moet ik zeggen.” Vanaf de eerste competitiewedstrijd tegen NEC Nijmegen (1-2 zege) kan De Rooij rekenen op een basisplaats in het elftal van Brandts.

De Rooij is vervolgens een onbetwiste basisspeler gebleven bij FC Eindhoven, dat hem begin november beloonde met zijn eerste tot 2021 lopende contract. “Dat is wel een opluchting geweest. Ik had mijn studie een jaar stopgezet, om me volledig op voetbal te kunnen focussen. Voor mijn gevoel deed ik allebei een beetje half. Vorig seizoen moest ik lessen missen en haalde ik toetsen niet. Als ik hier kwam, zat ik op de bank. Toen zei mijn vader: ‘Wat wil je? Focus je een jaar vol op het voetbal en probeer een contract af te dwingen’. Dat is gelukt, het ziet er allemaal anders uit. Het scheelt onbewust wel dat ik niet meer hoef te denken aan een project als ik thuiskom, ik kan echt met voetbal bezig zijn”, legt hij uit. De Rooij begon aanvankelijk als centrale middenvelder aan de jaargang, maar daar is gaandeweg de eerste seizoenshelft verandering in gekomen. Door de blessure van Joey Sleegers kwam hij eind oktober op de linkerflank in de voorste linie terecht.

“Ik ben eigenlijk een nummer tien, die met twee controleurs in zijn rug moet spelen. Zo spelen we bij FC Eindhoven niet echt. Ik heb nu een vrije rol op links, dat is ook prima. Van mezelf ben ik geen buitenspeler, maar ik vind dit prima als ik speel. Ik hoef verdedigend minder te doen en ben ook wel bij wat goals betrokken, dus het gaat prima. Maar ik denk dat ik op het middenveld het best tot mijn recht kom.” De Rooij merkt naar eigen zeggen dat zijn status van basisspeler, in welke rol hij dit seizoen voorlopig goed was voor 5 doelpunten en 8 assists in 22 officiële wedstrijden, het een en ander veranderd heeft. “Ik zat vorig jaar wel bij de selectie, maar doordat ik niet speelde, had ik niet echt het gevoel dat ik profvoetballer was. Nu heb ik dat gevoel wel, dat verschil zit vooral in het feit dat ik wekelijks speel en berichten krijg van mensen: ‘Hé, ik zag je spelen’. Van alles, ook kenissen die al een tijdje niet heb gesproken en mijn ouders berichten sturen. Of als ik op een feestje kom. Meer mensen volgen je dan je doorhebt, iedereen in Best weet ervan.”

De Rooij na zijn doelpunt tegen MVV Maastricht (2-0)

Tevreden is De Rooij overigens nog niet. “Mensen zeggen vaak dat het goed gaat, maar zelf vind ik het nog wel meevallen. Ik heb wel een aantal goals en assists, maar nog niet genoeg. Niet dat het slecht gaat, maar ik ben sowieso nog niet tevreden. Ik heb stappen gemaakt, maar het moet beter en er zit meer in. Verdedigend vooral, negentig minuten blijven gaan en sterker worden in conditioneel opzicht, zodat ik meer momenten met en zonder bal kan hebben”, zo klinkt het zelfkritisch. “Ik wil gewoon alles eruit halen wat erin zit. Of er nu deze zomer clubs komen, of daarna, of zelfs niet. Er kan van alles gebeuren, ik wil de volgende stap zetten wanneer ik er klaar voor ben. Mijn contract loopt nog even door, waardoor clubs voor me moeten betalen. Ik moet sowieso hier nog meer goede wedstrijden spelen en mezelf laten zien, constanter worden. Het gaat nu teveel met pieken en dalen, ik ben nog te wisselvallig. Ik moet laten zien dat ik er écht klaar voor ben en dan komt het vanzelf wel.”

Aan de liefde voor het spelletje zal het bij De Rooij in ieder geval niet liggen, want weinig wedstrijden ontgaan hem. “Ik kijk veel voetbal, ik hoop zelf dat ik ook meer gevolgd kan worden. Frenkie de Jong vind ik een hele goede voetballer, maar dat vindt iedereen wel. Hij heeft zoveel kwaliteiten, daarmee moet ik mezelf niet vergelijken. Ik kijk wel tegen hem op. De wedstrijd van Barcelona staat wekelijks wel in de agenda, dan zit ik voor de televisie. Een potje in de kelder van de Premier League? Nou ja, als het op is, waarom niet? Maar ik houd wel meer van Spaans voetbal. Creatieve spelers, daar houd ik van”, glimlacht De Rooij. Als hem gevraagd wordt naar zijn dromen, toont hij zich uiterst realistisch. “Ik kan wel zeggen dat ik droom van de Champions League of het WK, maar we moeten ook realistisch blijven. Ik denk dat ik nog een stap kan maken en ik hoor vaak van mensen in de voetbalwereld dat er veel inzit, dus het is zaak dat er uit te laten komen. Het zou natuurlijk mooi zijn om met Eindhoven in de Eredivisie te spelen. Het is moeilijk, al moet het haalbaar zijn om de play-offs te halen en van daaruit kan van alles gebeuren. Als ik zeg dat we daar niet voor gaan, kunnen we net zo goed stoppen met het seizoen.”