Talentscout – Mike Trésor Ndayishimiye

De Keuken Kampioen Divisie geldt al decennialang als kraamkamer voor binnen- en buitenlandse talenten en ook dit seizoen lopen er op het tweede niveau weer veel voetballers met potentie rond. Voetbalzone, de officiële mediapartner van de Keuken Kampioen Divisie, licht elke week een van deze talenten uit, met deze keer aandacht voor Mike Trésor Ndayishimiye, de jonge Rode Duivel die de nodige grote clubs afwees om bij N.E.C. aan de slag te gaan.

De naam van Mike Trésor Ndayishimiye zal de afgelopen jaren in menig scoutingsrapport van Europese topclubs zijn voorgekomen. Anderlecht haalde hem in 2013 op veertienjarige leeftijd weg bij AFC Tubize, de club die Ndayishimiye op zijn beurt had opgepikt bij amateurclub Avenir Lembeek. In de jeugd van de Belgische topclub ontwikkelde hij zich razendsnel, waardoor besloten werd om hem twee jaar geleden al op zeventienjarige leeftijd door te schuiven naar het belofenteam. Na twee seizoenen in het hoogste jeugdelftal, waarin hij weliswaar met Anderlecht actief was in de Youth League, trok Ndayishimiye de conclusie dat zijn ontwikkeling was gestagneerd. De deur richting het eerste elftal zat voor hem nog altijd potdicht, terwijl hij ploeggenoten wel de stap naar de hoofdmacht zag maken. “Dat is mentaal lastig”, geeft Ndayishimiye toe. “Als je na twee jaar niet de kans krijgt bij het eerste, mis je nog iets. Ik denk dat ik er niet klaar voor was, maar dat betekent ook dat ik bij het beloftenteam niet genoeg geleerd heb. Ze hadden een plan, maar we keken er niet op dezelfde manier tegenaan. Als je niet op één lijn zit, kan je moeilijk een akkoord bereiken.”

Ndayishimiye in actie voor N.E.C. tegen RKC Waalwijk

Om die reden liet Ndayishimiye de mogelijkheid schieten om zijn contract bij Anderlecht te verlengen. Het was voor hem geen gemakkelijke keuze om Paars-Wit te verlaten. “Anderlecht is de grootste club van België. Ik heb veel mooie toernooien mogen spelen en heb de mogelijkheid gekregen om me in de kijker te spelen bij de nationale jeugdteams. Als je het niet haalt, baal je er toch van dat die droom niet is uitgekomen. Je moet alleen niet bij de pakken neerzitten, want je kan altijd hoger eindigen”, vertelt de negentienjarige aanvallende middenvelder, die ook op alle posities in de voorste linie uit de voeten kan. Ndayishimiye, die verschillende jeugdelftallen van België vertegenwoordigde, koos er na zijn vertrek bij Anderlecht bewust voor om een ‘omweg’ naar de top te nemen. Clubs als Liverpool, AS Monaco en Juventus waren een klein jaar geleden graag met hem aan de haal gegaan, maar zijn voorkeur was duidelijk: hij wilde de stap naar het profvoetbal maken.

“Als je de namen van die grote clubs hoort, ben je zeker blij. Dan ga je je inbeelden: wat als? Ik heb tegen die clubs gespeeld met Anderlecht op verschillende toernooien. Je moet nu eenmaal reëel zijn, want je komt bij dat soort clubs binnen als nummer 53. Misschien krijg je op je 23e een keer een kans, als je uitgebloeid bent. Je hebt mirakels, zoals Kylian Mbappé. Maar dat gebeurt maar eenmaal in de zoveel tijd. Dat besef je misschien pas als je daar zit, maar dan is het eigenlijk te laat.” Vader Freddy Ndayishimiye, zelf voormalig profvoetballer én international voor Burundi, speelde uiteindelijk een belangrijke rol in de keuze van zijn zoon, wiens hoofd wel enigszins op hol werd gebracht door de belangstelling van de Europese topclubs. Ndayishimiye senior wees zijn zoon op het belang van speelminuten in deze fase van zijn carrière. “Zonder zijn advies had ik misschien wel een andere keuze gemaakt, voor een grotere club. Als je jong bent, zie je de Champions League op televisie en wil je daar eigenlijk zo snel mogelijk naartoe. Daardoor kies je misschien blind voor zo’n avontuur, zonder na te denken over het perspectief.”

Ndayishimiye in duel met Edouard Duplan (Sparta Rotterdam)

Bij N.E.C. zag Ndayishimiye de beste mogelijkheid om zo snel mogelijk minuten te maken in het betaald voetbal en om binnen korte tijd progressie te boeken. Halverwege september zette de jonge Belg zijn handtekening onder een driejarig contract in Nijmegen. Voor Ndayishimiye gelden Anthony Limbombe en Arnaut Danjuma Groeneveld als lichtende voorbeelden, daar beide buitenspelers via N.E.C. uiteindelijk wisten uit te groeien tot international. “Ik denk dat ik van hieruit het beste stappen kan maken. Als je bij zo’n grote club terechtkomt en na twee jaar niet doorbreekt, kom je alsnog bij een club in de Keuken Kampioen Divisie terecht. Dan ben je twee jaar kwijt, ondanks dat je bij een grote club ook op een andere manier bijleert. Het heeft geen nut om in een beloftenteam bij een grote club te spelen, omdat je niet in de situatie van betaald voetbal komt te zitten”, verklaart Ndayishimiye, die tevens de Nederlandse voetbalstijl als motivatie noemt voor zijn keuze voor N.E.C..

Ondanks de weloverwogen keuze verliepen de eerste maanden van Ndayishimiye in Nijmegen op sportief gebied moeizaam. In de eerste seizoenshelft speelde hij slechts 105 minuten in competitieverband, verspreid over vijf invalbeurten. Wat volgens Ndayishimiye in die periode scheelde, was dat hij zich razendsnel wist aan te passen aan het leven in Nederland. N.E.C. ving de aanvallende middenvelder annex aanvaller goed op en bracht met hem samen met landgenoot Paolo Sabak, die hij nog kende van de Belgische jeugdploegen, onder in het Limburgse Middelaar. “We zijn voetballers en ons humeur hangt ook af van het voetbal”, vertelt hij over zijn eerste maanden in dienst van N.E.C.. “In het begin moest ik accepteren dat ik niet alles speelde, zo werkt het nu eenmaal bij een eerste elftal. Stap voor stap moest ik dichterbij de basiself komen, dat betekent iedere week leren en hard trainen. In het begin was ik daarin ongeduldig, omdat ik zo graag wilde spelen. Ik had zoveel gehoord en gezien, merkte dat het lekker ging op de training en dacht dat ik het niveau had om te spelen. Als ik er nu over nadenk hoe ik er toen in stond, besef ik dat ik er toen totaal niet klaar voor was om in de basiself te spelen.”

Tijdens een korte vakantie in de winterstop nam Ndayishimiye zich voor om zichzelf in het begin van de tweede seizoenshelft nóg meer te laten zien. Uiteindelijk kwam hij na de winterstop in één wedstrijd niet in actie, terwijl hij vooral de laatste weken meer dan geregeld kan rekenen op een basisplaats. In achttien wedstrijden was Ndayishimiye in dit kalenderjaar goed voor zes doelpunten en twee assists. “Als je eenmaal scoort, gaat de machine draaien. Dan is je zelfvertrouwen opgebouwd en ga je stappen maken, loopt alles vloeiender. Je komt nu eenmaal bij een grote club, speelt in grote stadions voor supporters en daar komt druk bij kijken. Als het even tegenzit, merk je dat de druk toeneemt. Dat het moeizaam liep, heeft wel invloed gehad. De trainer had altijd met veel druk te maken, waardoor je geen wedstrijd kan laten rusten. Je moet altijd presteren en als de trainer denkt dat je er niet klaar voor bent, zul je geen kans krijgen.” N.E.C. kende een bij vlagen wisselvallig seizoen, maar bleef de laatste zes wedstrijden ongeslagen en verzekerde zich daarmee van deelname aan de play-offs in promotie. Daarin is RKC Waalwijk de eerste tegenstander, eerst komende vrijdag in Nijmegen en vier dagen later in het Mandemakers Stadion.

Mike-Tresor Ndayishimiye

 

“Mijn eerste doelstelling was om voor N.E.C. minuten te maken in de Keuken Kampioen Divisie. Dat doel is behaald en nu kunnen we direct al naar de Eredivisie kijken. Als we dat halen, is dat heel, heel mooi. Als je ziet waar ik in het begin van het seizoen stond… Dat we dan aan het einde van het seizoen de Eredivisie kunnen halen, is echt top”, zegt Ndayishimiye, die bij N.E.C. met rugnummer 71 (‘het geboortejaar van mijn mama, zij is alles voor mij en ik heb altijd gezegd dat ik dat rugnummer zou kiezen’) met een glimlach op het gelaat. Hij is ervan overtuigd dat hij als basisspeler van N.E.C. vanzelf in beeld komt bij Jong België, de volgende halte in zijn interlandcarrière. Ndayishimiye speelde zijn laatste interlands voor de Onder-19 en België heeft geen Onder-20. “Om in Jong België te spelen, is het volgens mij een voorwaarde dat je betaald voetbal speelt. Ik heb daar niet per se rekening gehouden in mijn keuze, want ik denk dat het vanzelf komt als je je ontwikkelt bij je club.”

De keuze van Ndayishimiye had ook reeds op een ander land kunnen vallen, aangezien Burundi al contact heeft opgenomen. Als international van het Afrikaanse land, dat zich onlangs voor het eerst wist te plaatsen voor de Afrika Cup, zou hij in de voetsporen van zijn vader treden. “Hij krijgt het vaak te horen, omdat hij geregeld met die mensen contact heeft. Mijn vader denkt ook: hij is zo jong, geef hem de tijd om zich door te ontwikkelen. Als ik het nationale team van België niet haal, kan ik alsnog voor Burundi spelen. Een interland spelen voor de Rode Duivels is de ultieme droom. Ik wil met België een WK meemaken en iets bereiken”, zo klinkt het stellig. Ndayishimiye kijkt voorlopig met tevredenheid terug op zijn eerste seizoen op de Nederlandse velden. “Ik ben altijd kritisch op mezelf, maar voorlopig ben ik van mening dat het goed gaat. Qua ontwikkeling is dit tot dusver de grootste stap geweest in mijn carrière, ik heb heel veel geleerd in korte tijd. Ik hoop dat dit zich doorzet naar volgend seizoen, dat ik nog meer minuten kan maken.”