Het verhaal van… Quincy Promes

De Keuken Kampioen Divisie geldt al decennialang als kraamkamer voor binnen- en buitenlandse talenten. Veel van deze talenten hebben later een prachtige (of opvallende) carrière gehad. Wij lichten wekelijks één van deze oud-talenten uit in de rubriek Het verhaal van… en deze week belichten we het verhaal van… Quincy Promes!

Een echte Amsterdammer. Op 4 januari 1992 werd Quincy Promes geboren in Amsterdam-West. De inmiddels veertigvoudig international van het Nederlands Elftal heeft in de jeugd naar eigen zeggen ‘bijna wel in elke wijk gewoond’: West, Osdorp, Oost, Zuid en Amsterdam-Noord. Voetballen deed hij in Duivendrecht op Sportpark de Toekomst, het jeugd- en trainingscomplex van Ajax. Als 10-jarige maakte Promes namelijk de overstap van RKSV DCG (gelegen in Amsterdam-West) naar de jeugdopleiding van Ajax, waar hij uiteindelijk ruim zes jaar zou verblijven alvorens hij zou worden weggestuurd.

Via HFC Haarlem belandde Promes in Enschede, bij FC Twente. Hij mocht aansluiten bij het hoogste jeugdteam van de Tukkers dat destijds onder leiding stond van Patrick Kluivert. Promes maakte furore. Hij maakte dusdanig veel indruk dat hij werd benoemd tot aanvoerder van de A1 van FC Twente. Met de band om zijn arm won hij naast de supercup ook de landstitel voor belofteteams. Dit succes was een opmaat voor zijn debuut in het betaald voetbal en groter nog, dit succes was een opmaat voor de prachtcarrière dat Promes tegemoet zou gaan.

Na zijn debuut in de Eredivisie, op 12 april 2012, mocht Promes vanaf de zomer van 2012 op huurbasis elders ervaring opdoen. Go Ahead Eagles werd zijn tijdelijke werkgever en in Deventer ging hij spelen onder de vleugels van de trainer van destijds: Erik ten Hag. Achteraf bleek dat een gouden combinatie te zijn. Erik ten Hag liet Promes excelleren en belangrijk zijn voor het team, terwijl een excellerende Promes met 13 doelpunten en 9 assists een behoorlijk aandeel had in de promotie van de Eagles. Deze prestatie leverde Promes overigens ook de eretitel ‘Beste Talent van het Jaar’ in de Eerste Divisie op.

Quincy Promes viert samen met zijn toenmalige ploeggenoten de promotie van Go Ahead Eagles in 2013

Na een jaar op het op één na hoogste profniveau te hebben vertoefd, mocht Promes zichzelf laten zien op het hoogste podium. Hij keerde terug bij FC Twente om in de Eredivisie te voetballen en dat deed hij met verve. In het seizoen 2013-2014 (zijn eerste volledige seizoen in de Eredivisie) kwam hij tot 11 doelpunten en 8 assists. Het leverde hem een oproep voor het Nederlands Elftal én een buitenlandse transfer: de kersverse international ging voetballen bij het Russische Spartak Moskou.

De stap naar Moskou pakte goed uit voor de Amsterdammer. In vier jaar tijd groeide Promes uit tot één van de succesvolste Nederlandse voetballers die ooit minuten maakte in de Russische competitie. In het shirt van Spartak Moskou wist Promes immers zowel de Russische supercup als de Russische landstitel te veroveren en daarnaast werd hij als individu in 2017 verkozen tot Beste Speler van de Russische competitie. Zijn laatste seizoen in Rusland, het seizoen 2017-2018, sloot hij af als topscorer van de competitie en nam hij na 135 wedstrijden, 66 doelpunten en 33 assists afscheid van Rusland.

Van de Russische competitie stapte Promes over naar de Spaanse competitie, waar hij aan de slag ging bij Sevilla F.C. Een grote Spaanse club dat het jaar daarvoor nog actief was in de Champions League. Hoewel Promes in zijn debuutjaar liefst 49 wedstrijden voor Sevilla speelde, bleef zijn periode in Spanje uiteindelijk beperkt tot ‘slechts’ dat ene seizoen. In de zomer van 2019 klopte Ajax aan en kon de Amsterdammer terugkeren naar de plek waar het voor hem allemaal begon.

Promes na zijn doelpunt voor Ajax in het Champions League-duel tegen Lille

Waar hij in zijn eerste Ajax-periode nog werd weggestuurd, is Promes nu van groot belang voor de Amsterdamse ploeg. In zijn 20 wedstrijden in de Eredivisie scoorde hij 12 keer en leverde hij 4 assists. Bovendien scoorde hij 4 doelpunten in 5 Champions League-wedstrijden. Nog nooit was zijn productiviteit zo hoog als in het seizoen 2019-2020.